Selecteer een pagina

Zaterdag middag, de drukste winkelmiddag die er is denk ik. We gaan ”even snel” boodschappen doen en ik krijg al jeuk bij het zien van de rij naar de kassa in de Albert Heijn. Even snel de drogist in dan, het is ook altijd hetzelfde liedje met mij en mijn ”snelle boodschappen” doen…

Ik ga snel naar de baby afdeling van de winkel en pak wat ik nodig heb. Snel Isabel weer onder mijn arm want ik heb Philip niet gezegd dat ik nog ”even snel” de drogist in ben gedoken.. De rij staat tot midden in de winkel… cool… want mijn telefoon ligt in de auto, dus ik kan hem ook niet bellen. Dan maar hopen dat hij er vanuit gaat dat ik weer eens in een drogist sta, hehe…

We sluiten aan in de rij en natuurlijk staat daar het tactisch geplaatste snoep schap… Op kinderhoogte… ”mamaaaaaa, Mag Isabel een eeeeeiiiiiiiii” kijkt lief, winkt en slaat nog net geen arm om me heen terwijl ze het vraagt. ”nee lief, niet nu” ik verwacht protest, maar ik krijg een ”oké mam, dat geeft niet”….. well done girl, well done! Ik zou je bijna nu een ei geven omdat je zo lief reageert en genoegen neemt met gewoon nee 😉

Er staat een oude meneer voor mij, ik schat een jaar of 75. Je kan zien dat hij niet zo makkelijk naar de winkel is gerend als dat ik heb gedaan. Hij sprak langzaam en zachtjes, liep niet zo heel gemakkelijk en hij had oude trillende handen. Hij had waarschijnlijk heel veel moeite gedaan om op deze drukke zaterdag naar de winkel te komen. Als ik zo iemand zie mis ik mijn opa en oma zo enorm. Wat zouden zij mijn man en kinderen graag hebben leren kennen, en wat zouden ze gek zijn op ze. Ondanks dat ze beide al een tijd niet meer bij ons zijn, denk ik nog heel vaak aan ze.

De meneer voor mij, is aan de beurt. Ook hij heeft al die tijd in de rij staan wachten. Maar hij wou alleen iets vragen. Hij reikt zijn trillende hand uit naar het kassameisje. Hij heeft een pakje zakdoekjes in zijn hand en hij vraagt aan haar of ze die zakdoekjes verkopen. Het meisje kijkt en zegt ”ik weet niet of we die hebben maar de zakdoekjes staan achter u in het gangpad, aan het einde aan de linkerkant” de meneer kijkt verwart en je kan zien dat hij moeite heeft met het tempo waarop het meisje praat. Hij vraagt haar nogmaals met weinig woorden of dat de zakdoekjes zijn die hij laat zien. ”ik weet het niet meneer, dan moet u even daar kijken” en ze wijst weer dezelfde kant op. Direct draait ze haar hoofd naar mij om mij te helpen…

Ik begrijp dat het druk is en ik begrijp ook dat een drogist op zaterdag graag extra hulpkrachten inroostert. Maar als je hulpkracht bent, wil dat niet zeggen dat je minder hoeft te doen. Dan help je de klanten. Niet alleen als ze iets willen kopen, maar ook met het vinden van het juiste product. lijkt mij. Helemaal als iemand er moeite mee heeft. Je vraagt toch ook of ik bekend ben met mij geneesmiddel wanneer ik het bij je afreken?! Of is dat alleen maar omdat dat volgens het protocol verplicht is? Ik was sprakeloos en het raakte me…

Ze rekent mijn spullen af en binnen een halve minuut is het afgehandeld. Ik ga op zoek naar de meneer en ik duik het pad in waar de medewerker hem naartoe heeft gestuurd. Ik zie hem staan. Verward, achterin de winkel met nog altijd zijn zakdoekjes in zijn trillende hand. Ik heb Isabel haar handje vast en ze vraagt mij waarom we weer de winkel in gaan. ”Omdat wij even de oude meneer gaan helpen” zeg ik. ”oké mama,” antwoord ze.

Ik: ‘hoi meneer, ik zag u zoeken naar de zakdoekjes.
Hij kijkt om en kijkt mij aan met ogen die zeggen: wil je alsjeblieft langzaam praten.
Ik: de zakdoekjes die u vast heeft zijn van de Lidl, die verkopen ze hier niet. Maar ze hebben wel deze van Kleenex en deze van het eigen merk. Deze hebben lekker balsem erop, net als die van de Lidl maar die van het eigen merk zijn iets goedkoper.
Meneer: de prijs maakt niet uit, ik wil fijne zakdoekjes
Ik: dan zou ik lekker deze nemen, die hebben lekker balsem en dat is zacht voor uw neus. Ze kosten drie euro.
Meneer: dat is goed. Dank u wel, dank u wel. (zijn oog valt Isabel die inmiddels met open mond staat te kijken naar wat er gebeurt)
Ik: geen dank meneer, als u nou in deze rij komt staan dan bent u eerder aan de beurt en hoeft u niet zo lang te wachten
Meneer: erg bedankt. Hij pakt mijn hand en kijkt mij aan, zijn ogen zeggen genoeg en raken mij recht in mijn hart…
Ik: geen dank meneer, dit zou normaal moeten zijn. Hele fijne dag nog en ik glimlach
Meneer: dag, dank u
Ik glimlach.

Stel je nou voor he, dat dit je opa zou zijn… had je het hem dan nog steeds zelf laten uitzoeken? Ik durf te wedden dat de hele rij het zou begrijpen als je even achter de kassa vandaan was gegaan, ondanks de drukte. Of had anders je collega geroepen om even met meneer mee te lopen. Inmiddels was ik Philip kwijt want die liep mij te zoeken in de supermarkt…

Ik prijs mezelf ab-so-luut niet de lucht in voor deze actie. Wat ik wel hoop is dat ik mijn kinderen kan opvoeden tot mooie volwassen mensen. Niet naïef, niet egoïstisch. Wat ik wil zeggen is, misschien moet iedereen zijn ogen wat meer openen voor elkaar… het is vaak druk druk druk, ik weet het. Ik ook. Maar als jij daar nou op je oude dag wordt weg gewimpeld, zou je dan niet intens verdrietig zijn?

Foto: op de bank van mijn opa en oma, 5 maanden oud.